De jonge jaren van Piet Ham

Ik moet zo'n jaar of drie, vier geweest zijn, toen ik de wereld van het Molentjespad begon te verkennen.
Ik kwam al gauw tot de ontdekking dat er niet veel kinderen in de buurt thuis waren, ze zaten allemaal al op school, dus moest ik mijzelf wat vermaken. Toch kreeg ik in die tijd een echte vriendin: Grietje Mantel.
Ze was twee jaar ouder en had een hele verzameling poppen, prachtig! We speelden wat af! Dus vroeg ik dat jaar ook een pop aan sinterklaas. Mijn broer Klaas pestte mij daar flink mee. Een meidengek was ik, zei hij! Wat ik dat jaar van sint gekregen heb, weet ik niet meer, maar een pop had hij niet mee !

Verder was ik in die tijd een geweldige krom prater. In deze tijd was ik allang naar logopedie gestuurd, maar toentertijd vond men het erg vermakelijk dat ik zo sprak.
Mijn vriendin was dan ook sliet, en op school kreeg ze handelswerken!
Mijn vader was lid van de gemeenteraad, en een ieder mocht dat weten, mijn vader is raad van de lid!
Als ik Gert Komen de metselaar tegen kwam moest die het elke keer weer weten "Piet in welke raad zit je vader ook weer??? In die van het lid?"
Bakker Kalis noemde me altijd vrijf omdat ik vijf dus ook niet goed zei.

Toen ik wat ouder werd begon het spelen met de poppen mij toch te vervelen. Ik bracht mijn broer naar school en bleef dan op het schoolpleinhangen. Als je zes jaar was mocht je naar binnen, maar dat was ik nog niet dus slenterde ik maar weer langzaam naar huis. Ik kwam dan langs het huis van Reindert Laan. (waar nu de Fam.Slagter woont). Van zijn vrouw Ma de Wit mocht ik altijd binnen komen. Het was daar dan net konkeltijd.
Ma had altijd een snee krentenbrood van de bakker voor mij.
Dat was nog eens lekker! Brood van de bakker, dat kreeg ik bijna nooit. Mijn moeder bakte haar brood zelf!