Westfriesland, veranderde land

Een zonnetje en weinig wind. Ik pak mijn fiets en ga richting dijk. Bij de klucht zet ik m'n hulpmotortje aan. Ideaal voor mensen zoals ik, boven de tachtig maar nog zeer genietend van het Westfriese landschap!
Bij het vluchthaventje van Wijdenes stop ik even en kijk naar het dorp. De molens hier onder aan de dijk zijn verdwenen en ook van het buurtschapje is niet veel meer over. Ik ben er geboren. Mijn vader had hier zijn bouwtje.
In de jaren twintig bestond het merendeel van het dorp uit kleine bedrijfjes, bouwers die van alles teelden, vaak niet groter dan 1 hectare. De zaadhandel was zeer populair en zo tegen kerstmis bracht je het zelf geteelde zaad naar het café waar het gewogen werd en de prijs werd bepaald en meegenomen werd door de bazen voor wie je aan het telen was. Het viel vaak niet mee. En uit balorigheid bleef je dan ook nog hangen in dat café, zodat moeder niet blij keek als je thuis kwam.
Veeboeren waren er ook. Kleine boeren met 4 of 5 koeien en wat grotere boeren met wel 14 koeien. Deze boeren hadden dan ook een knecht of werkman in dienst.
Ook waren er toentertijd wel 5 bakkers en 12 winkeliers op het dorp.
Het waren geen slechte jaren. Het glas deed zijn intrede in de bouw. Er verschenen druivenkassen in het dorp en telen onder platglas werd zeer populair. Je kon er wel 3 keer per jaar van oogsten.
Men verbouwde er worteltjes, sla, bloemkool en slabonen onder. Ook komkommers, maar die teelde je om het zaad!
Het werd allemaal minder in de jaren dertig. De armoede deed z'n intrede in het dorp.
Het was moeilijk je hoofd boven water te houden. Producten brachten weinig op. Er was weinig geld onder de mensen. Men kocht weinig en je kleren verstelde en verstelde je tot ze van beroerderigheid uit elkaar vielen. Het waren kunstwerken die broeken met allerlei verschillende lappen er op. Broeken met geschiedenis!

Het was een strijd om je groenten en fruit bij de juiste veiling te laten veilen. Iedereen wilde graag goed geld voor z'n producten. Er waren veilingen genoeg in de buurt: in Wijdenes, Hem, Blokker, Zwaag en Wognum.
Na de oorlog begon de grote verandering. De kleine bedrijfjes hielden op te bestaan. De ruilverkaveling zou uitkomst brengen, maar wat is er nu nog overgebleven!
Er zijn nog maar 6 veeboeren, wel hebben ze samen meer koeien dan vroeger alle boeren bij elkaar.
Ongeveer 10 fruittelers en 3 bloembollenbedrijven. Geen bakkers meer op het dorp en nog maar 1 winkeltje.
Een grote veiling voor heel Noord-Holland.
's Morgens geen bouwertjes meer die lopend met hun greep naar hun stukje bouw gaan, maar een ware uittocht van auto's met mensen die hun werk elders hebben.
En toch is het groen om mijn dorp heen, de stofmolen is gebleven, de daken van de stolpboerderijen komen boven het groen uit. Onder aan de dijk een weiland met koeien en in de verte een geel en rode strook tulpen.
Het is gelukkig wel het mooiste plekje van Westfriesland gebleven.
Ik ga weer blijd verder. Op huis an.